Afdrukken
Bevat Video: Video
Ankeiler: Steeds meer zorginstellingen kiezen voor een opendeurenbeleid waarbij hun cliënten met dementie zoveel mogelijk zelf bepalen waar ze gaan en staan.

- Steeds meer zorginstellingen kiezen voor een opendeurenbeleid waarbij hun cliënten met dementie zoveel mogelijk zelf bepalen waar ze gaan en staan. Zo ook de Herbergier in Arnhem. Maar dat stuit regelmatig op weerstand en onbegrip, ervaart eigenaar Arjen Koenen. Dat hij 'zijn deuren moet sluiten' of 'deze mensen horen achter slot en grendel', hoort hij terug.

Zijn instelling is een alternatief voor het reguliere verpleeghuis waar mensen vrij vaak achter gesloten deuren terechtkomen, legt Arjen uit. "Hier gaan de deuren niet op slot en krijgen mensen de gelegenheid om naar buiten te lopen. Omdat vrijheid je grootste goed is. Dat betekent niet dat je alle risico's moet nemen, maar wel de keuze moet kunnen maken om te genieten van je vrijheid."

Veel van zijn 'gasten' lopen graag, weet Arjen. "Soms zijn ze onderweg naar iets, wat niet altijd haalbaar is. Maar het geeft wel heel veel rust om de deur uit te kunnen. Soms verdwalen ze. Dat kan. Maar dan steken ze nog steeds niet zomaar de weg over. Natuurlijk houden we in de gaten of iemand bijvoorbeeld nog goed kan opletten in het verkeer."

De omgeving snapt niet altijd dat mensen met dementie niet per definitie worden opgesloten, ervaart Arjen. "Dat vind ik jammer. Het opsluiten van mensen creëert onrust. Die kun je misschien bestrijden met wat onderdrukkende medicatie, maar dat is volgens mij niet de manier." Toch is hij wel blij met het toenemende besef dat hij ziet dat je mensen niet zomaar allerlei dwang kunt opleggen. "Ondanks hun ziekte of beperking."

'Anders maak me maar dood'

Arjen haalt een voorbeeld aan van een vrouw met dementie voor wie hij op dat moment geen plek had en die op een gesloten afdeling terechtkwam. "Het enige wat ze daar deed, was bij de voordeur zitten, waarbij ze zei: 'Ik wil eruit, ik wil eruit. Anders maak me maar dood.'"

Bekijk in deze docu onder meer wat dementerenden zelf ervaren:

De nodige buurtgenoten in het Arnhemse Spijkerkwartier waar de Herbergier is gevestigd, bieden goede hulp, ziet Arjen. "Maar er zijn er ook nog veel die vraagtekens stellen of het allemaal wel zo verstandig is." Dat wijt hij aan onwetendheid. "Denk er eens serieus over na wat het betekent als je alle vrijheden van een persoon afneemt. Dat wordt onderschat." Pijnlijk om mee te maken, vindt Arjen. Het maakt zijn cliënten ook verdrietig. "Het is al zo'n eenzame ziekte. Want soms weet je niet eens meer dat je een uur geleden bezoek hebt gehad."

Kennelijk moeten 'in zorgland' alle risico's worden uitgesloten, constateert Arjen. "Ik denk: omarm de risico's. Dat betekent niet dat je er geen rekening meer mee moet houden, maar ook niet dat je alleen maar moet denken in beperkingen. Laten we vooral denken in de kwaliteit van leven."

Incident met politie

Onlangs maakte Arjen een incident mee met de politie, waarna hij onder meer zijn beklag deed via social media. Een agent bracht een van zijn cliënten terug bij zijn zorginstelling en gaf daarbij aan 'dat het al de zoveelste keer was', vertelt Arjen. Deze dame heeft een tracker bij zich waardoor zij haar altijd zelf weer kunnen vinden en de politie haar dus niet terug hoeft te brengen, weet hij. "Ik kan me namelijk ook voorstellen dat het voor de politie best wat werk kan zijn."

Onveilig was de situatie rondom deze dame niet geweest, bevestigde de politie volgens Arjen. Wat hem stoorde, is dat de agent desondanks stelde dat ze voor haar wellicht na moesten denken over een ander protocol. Het contact met de wijkagent daarna haalde de kou weer uit de lucht.

Politiewoordvoerder Simen Klok schetst het dilemma waar ook zij in dit soort gevallen mee worstelen. Natuurlijk is ook de politie niet voor het opsluiten van dementerenden, maakt hij duidelijk. Maar als mensen iemand zien rondlopen die verward gedrag vertoont, is het bellen van de politie volgens hem een logische stap. Dat de collega’s die zo’n persoon dan terugbrengen, kritische vragen stellen bij het gevoerde protocol, vindt hij niet gek.

En ook al zijn er goede afspraken gemaakt met de wijkagent, zoals in dit geval uiteindelijk is gebeurd, dan nog zal de politie er eerst heen moeten om de persoon te identificeren, legt Klok uit. Als ook dat op een gegeven moment te vaak gebeurt, zal opnieuw het gesprek worden aangegaan om tot het juiste maatwerk voor die persoon te komen, geeft de politiewoordvoerder aan.

'Wen er maar aan'

Tien tot twintig procent van de meldingen over personen met verward gedrag die bij de politie binnenkomen, hebben te maken hebben met dementie of vergeetachtigheid, weet Julie Meerveld van Alzheimer Nederland. Dus dit soort situaties, heeft zij vaker gehoord. "Maar ook tegen de politie zeg ik: wen er maar aan." Scholing en training om daar goed mee om te gaan, zijn daarvoor cruciaal, weet Meerveld. In sommige steden is dat volgens haar al gebeurd.

Bied je hulp aan. Als we daar allemaal wat liever in zijn, dan helpt dat al heel erg
Arjen Koenen, eigenaar Herbergier

Op zich is het goed om de politie te bellen als je iemand echt kwijt bent, vindt Meerveld. "Want die zijn goed in het vinden van mensen." Wat volgens haar wel 'veel meer zou kunnen gebeuren', is dat degenen die de zorg hebben voor mensen met dementie samen met de politie, brandweer, gemeente, woningcorporatie en ondernemersvereniging regelmatig overleggen over hoe dit kan worden verbeterd en hoe je elkaar beter kunt vinden.

En bied je hulp aan, wil Arjen de omgeving meegeven. "Zo ingewikkeld is het niet. Als we daar allemaal wat liever in zijn, dan helpt dat al heel erg."

Later vandaag meer over de toenemende problematiek van dementie.

Deel dit artikel